Dutch Lesson Online 31 of 32
In Progress

Dutch words: Transport

Dutch Lesson Online
Materials

Learn Dutch Academy Youtube subscribe

Learn Dutch pdf download

Dutch English Dutch English
De auto, wagen Car De fiets Bicycle
De bromfiets, brommer Moped, small motor bike De motor (pl. -s) Motor bike (large)
De taxi (pl. ‘s) Taxi De vrachtwagen Truck, lorry
De bestelwagen Delivery truck De verhuiswagen Moving van
De takelwagen Tow truck De bus Bus
De tram (pl. -s) Tram De bus-, tramhalte Bus, tram stop
Het verkeers-, stoplicht Traffic light Het kruispunt Crossroads
Het zebrapad, de oversteekplaats Pedestrian crossing Het verkeersbord Traffic sign
Parkeren To park Het parkeerterrein Parking area
De bekeuring Fine De vluchtheuvel Traffic island
De rotonde Roundabout Voorrang verlenen To give way
Voorrang hebben To have right of way De omleiding Detour
De maximumsnelheid Speed limit Te hard rijden Driving too fast, speeding
De file, opstopping Traffic jam Het ongeluk Accident
Het rijbewijs Driver’s licence Het nummerbord Number plate
De verzekering Insurance Verzekeren To insure
Het stuur Steering wheel Het dashboard Dashboard
De koplamp Headlight Het wiel Wheel
De band Tyre De binnenband Tube
De bumper Bumper De motorkap Hood, bonnet
De achterbak Boot, trunk De voor-, achterbank Front, back seat
De versnelling Gear De koppeling Clutch
De richtingaanwijzer Indicator De voor-, achterruit Front, back windscreen
De ruitenwisser Windscreen wiper De motor (pl. -oren) Engine
De uitlaat Exhaust De (hand)rem (hand)brake
Remmen To brake Schakelen To change gear
De wegenwacht Road service (R.A.C., A.A. etc.) Eén op vijftien etc. 15 to the litre etc.
Het spatbord Mudguard Achteruitrijden To back, drive backwards
Afslaan To stall Beslagen Misted up (windows)
De accu Battery De bougie Sparkplug
De vering Suspension De schokbreker Shock absorber
De krik Jack Inhalen To overtake, pass
Gas geven To accelerate Het gaspedaal Accelerator
De olie Oil De benzine Petrol, gas
Tanken To fill up Het tankstation Filling station, garage
De benzinepomp Petrol pump Een lekke band A flat tyre
Oppompen To pump up Smeren To lubricate, grease
De smering Lubrication De straat Street
De weg Road Het wegdek Road surface
De autosnelweg Freeway De op-, afrit Entry, exit (freeway)
De laan Avenue De steeg Lane, alley
Het pad (pl. Paden) Path Het fietspad Bicycle path
De rijbaan Lane (of a road) De vierbaansweg Four laned road
De hoofdweg Highway De voetganger Pedestrian
De automobilist Motorist De fietser Cyclist
De chauffeur Driver De passagier, inzittende Passenger
Het wandelgebied Mall, pedestrian precinct Gaan wandelen To go for a walk
De wandeling Walk, hike Liften To hitch-hike
De lifter Hitchhiker Meenemen To pick up (s.o.)