Course Content
Dutch Vocabulary Parts of speech
About Lesson

Learn Dutch pdf download

Dutch English Dutch English
Vooral Above all, especially Tenminste At least
Straks Later Bijna Almost, nearly
Ergens Somewhere Nergens Nowhere
Overal Everywhere, anywhere Ook Also, too
Toevallig Accidentally, by chance (10 jaar) geleden (10 years) ago
Zonder twijfel Without doubt In tegendeel On the contrary
Op tijd In time Plotseling Suddenly
Ongeveer About, approximately Eigenlijk Actually, indeed
Werkelijk Really Helemaal niet Not at all (rich etc.)
Pas Recently Net Just
(n)ooit (n)ever Al Already
Nu Now Dan Then
Toen Then (verb in past) Gewoonlijk Usually
Altijd Always Van nu af aan From now on
Tot nu toe Till now In/over het algemeen In general, generally
Helaas Unfortunately Gelukkig Fortunately
(naar) binnen Inside (naar) buiten Outside
(naar) beneden Downstairs (naar) boven Upstairs
Vlakbij, dichtbij Nearly Links(af) (to the) left
Rechts(af) (to the) right Thuis At home
Naar huis home

free dutch lessons

© 2017 - 2024  LEARN DUTCH ACADEMY | Privacy | Unsubscribe